Opkomst bestuursrecht

De indruk bestaat dat de wetgever steeds vaker een beroep doet op een bestuursrechtelijk instrumentarium ter handhaving van nieuwe normen. Het strafrecht is bij uitstek een ex post facto instrument.

Het strafrecht wordt in de regel geactiveerd nadat een feitelijke gebeurtenis reeds heeft plaatsgevonden. Nu zal het de autoriteiten er vaak om te doen zijn bepaald maatschappelijk onwenselijk gedrag te voorkomen. Er zijn twee manieren waarop de wetgever heeft gereageerd.
In de eerste plaats is het moment waarop het strafrecht geactiveerd kan worden, naar voren geschoven in de tijd. Meest markente voorbeeld: de strafbaarstelling van de voorbereidingshandelingen.
In de tweede plaats heeft het strafrecht ingeboet aan belang en is gekozen voor het bestuursrechtelijke instrumentarium. En dat blijft allang niet meer beperkt tot maatregelen in de bestrijding van het terrorisme. Denk bijvoorbeeld aan maatregelen in de bestrijding van voetbalvandalisme en ernstige overlast, of de aanpak van zogenaamde 12-minners die verantwoordelijk zijn voor ernstige overlast, maar nog niet strafrechtelijk aansprakelijk zijn volgens de wet.

Probleemstelling
Dit betekent een toename van bestuursrechtelijke regelgeving, waarin maatregelen worden geïntroduceerd die gekwalificeerd moeten worden als 'criminal charge' in de autonome betekenis van artikel 6 EVRM (denk aan de bestuurlijke boete). Dat heeft tot gevolg dat 'strafrechtelijke' waarborgen moeten zijn ingebouwd in bestuursrechtelijke rechtsbescherming. Denk bijvoorbeeld aan de cautieplicht en het nemo tenetur beginsel (niemand kan worden gedwongen aan zijn eigen veroordeling mee te werken). Vooralsnog regelt de wetgever dergelijke situaties niet.
In de Vierde Tranche Awb wordt hierover wel een bepaling opgenomen, en wel artikel 8:28a Awb wanneer het verhoor plaatsvindt bij de bestuursrechter. Dit is slechts één denkbare situatie waarin de wetgever strafrechtelijke waarborgen analoog moet gaan toepassen bij het bieden van bestuursrechtelijke rechtsbescherming teneinde te voldoen aan de vereisten van artikel 6 EVRM.

Project
Analyse van de wijze waarop 'strafrechtelijke' waarborgen geïncorporeerd dienen te worden in het bestuursrecht indien dit rechtsgebied wordt ingezet bij normhandhaving.